Dit is het webblog van Peter Kassenaar - Ik geef training en consultancy in het maken van crossplatform mobiele apps en webapps. Trefwoorden: AngularJS, PhoneGap, jQuery/Mobile. HTML5, CSS3, JavaScript, AJAX, JSON. Ik schrijf boeken en artikelen over tal van (ICT-) onderwerpen. Ik was lead developer en directeur bij Yindo - Jouw digitale bibliotheek. Je kunt mij volgen op Twitter.(@PeterKassenaar)

Terug naar de algemene site.

14oktober

German heavy metal top-10

De jaren 1980 waarin ik opgroeide, waren de jaren van venijnige muzikale tegenstellingen tussen diverse groepen. Je had onder meer de disco’s, de new wavers en de metalheads. Ik behoorde tot die laatste groep. Hoewel mijn muzikale smaak sindsdien aanmerkelijk verbreed is, heeft jaren 80-metal altijd een warm plekje in mijn hart weten te houden.

Ik moest daar aan denken toen onlangs mijn muziekspeler in de shufflefunctie door stom toeval drie heavy metalsongs achter elkaar afspeelde. En door nóg stommer toeval, realiseerde ik me dat het ook nog eens allemaal Duitse metalnummers waren uit mijn muziekverzameling. Dat zette mij aan het denken: zou het mogelijk zijn een top-10 samen te stellen bestaande uit louter Duitse heavy nummers? Ik ben wat gaan zoeken en verzamelen en uiteindelijk is het me gelukt.

Om het een beetje spannend te houden moest mijn top-10 aan verschillende eisen voldoen (anders zou je net zo makkelijk de nummers 1 t/m 10 van een willekeurige Duitse rockgroep op kunnen lepelen).

  1. Elke artiest mag maar met één nummer vertegenwoordigd zijn. Voor de bekende bands (Scorpions, Accept), betekend dat dit min of meer een signature song moet zijn die de band of artiest het beste vertegenwoordigd.
  2. De band of artiest moet grotendeels Duits zijn. In veel bands spelen of speelden vaak ook Engelsen of Amerikanen mee, maar de achtergrond moest liggen in Hamburg, Bremen, München of een willekeurige andere stand binnen de Bundesrepublik Deutschland.
  3. Ik moet het werk van de artiest of band zelf (fysiek) in mijn bezit hebben. Hetzij op LP, hetzij op cd of (gekopieerde) cassette/tape. Van BASF, dat spreekt ;-)

Die laatste eis (zelf in bezit hebben) bleek nog het lastigst. Zodanig lastig dat ik voor de nummer 10 van mijn lijst een uitzondering heb gemaakt. Maar de overige 9 kan ik nog steeds allemaal zelf in mijn cassettedeck, op mijn platenspeler of in de cd-speler leggen.

Daarom zonder verdere omhaal, mijn persoonlijke top-10 van Duitse rock, metal- en heavy bands. Waar mogelijk aangevuld met wat anekdotische achtergronden en audio- en videomateriaal.

10. Bad Steve – Bad Steve is coming

De nummer 10 in mijn lijst (Bad Steve) is dusdanig onbekend dat ik er geen audio-opnamen van bezit; ze hebben ook maar één album uitgebracht  (Killing The Night), aldus Wikipedia“Bad Steve was a German heavy metal band composed of former Accept members (…) as well as members of more obscure bands Kanaan and Sin City.”

Ik kan er zelfs geen videootje van vinden op YouTube of elders. Ze bestonden ook maar van 1983-1986. In de Metal Archives worden ze desalniettemin genoemd: http://www.metal-archives.com/bands/Bad_Steve/2742.

De reden dat ze toch in mijn top-10 staan, is omdat het een van de bands is waar ik als eerste live naar ben wezen kijken. Ze traden, ergens vroeg in de zomer van –ik vermoed- 1984 op in de muziekkoepel van het Prins Bernhardplantsoen in Hengelo. En ofwel de muziek was dusdanig slecht dat een bandfoto in krant niet gepast zou zijn, ofwel het publiek was dusdanig enthousiast dat het veel leuker was dát af te drukken. Hoe dan ook, het resultaat was dat in Hengelo’s Dagblad van de volgende dag (de krant die inmiddels is opgegaan in Dagblad Tubantia) bij een artikeltje een grote foto stond van publiek dat naar Bad Steve stond te kijken, met een veertien- of vijftienjarige Petertje Kassenaar prominent op de eerste rij. Het was mijn eerste verschijning in een krant en heeft me op het schoolfeest ter afsluiting van het jaar zelfs nog twee consumptiebonnen opgeleverd (“Was jij niet diegene die vorige week in de krant stond?”).

Waarvan akte. Van de muziek weet ik weinig meer. Mocht iemand een opname van Bad Steve hebben, ik houd me aanbevolen. Maar ze hebben me in ieder geval twee drankjes opgeleverd.

9. Grave Digger – Hell Funeral

Grave Digger bestaat al sinds 1980, maar Hell Funeral is een nummer uit 2014. Ik ken ze voornamelijk van de LP War Games (die ik heb), maar de eerlijkheid gebied te zeggen dat het nieuwe materiaal muzikaal gezien een stuk beter is. Daarom dit nummer, met fijne klassieke invloeden aan het begin en een songtekst – die zelfs redelijk verstaanbaar is, vaak een unicum in het trash- en speedgenre – die verwijst naar eerdere nummers en albums die ze hebben gemaakt.

8. Angel Dust – Into the dark past (Album)

Angel Dust, een speedmetalband (1984-1990) uit Dortmund. Ik heb hun debuutalbum Into the dark Past (1986) op cassette. Waarschijnlijk getaped nadat ik hem had geleend uit de bibliotheek in Borne. Ik was speciaal lid geworden van de Bieb in Borne omdat die, in tegenstelling tot de bibliotheek in Hengelo, wél een platenafdeling hadden. Voor één gulden vijfig kon je de nieuwste albums twee weken lenen. Dat betekende dus dat ik minimaal eens per twee weken op de fiets richting Borne toog. Maar meestal vaker.

7. Doro – Breaking the law

Vrouwen en hardrock. Het blijft een lastige combinatie. Hoewel in mijn beleving net zoveel meisjes als jongens van rock hielden (misschien iets meer jongens, maar de meiden waren zeker niet ondervertegenwoordigd en al helemaal geen doetjes), is het cliché dat vrouwen toch vooral voor het oog aanwezig zijn en muzikaal maar weinig in te brengen hebben. En ja, de ordinaire (en betreurde, want door zelfmoord om het leven gekomen) Wendy O. Williams bevestigde dat cliché misschien net iets te veel.

Maar ik was in die jaren ook zeker fan van Warlock, waarvan op mijn studentenkamer in Eelde en later in Groningen zelfs nog een poster hing. Warlock werd rond 1989 opgeheven, maar zangeres Doro Pesch ging in haar eentje verder. En heeft dertig jaar later nog steeds een strot om U tegen te zeggen. Ook in deze Judas Priest-cover Breaking the law, waarmee ze sinds circa 2008 veel succes heeft. Ze draagt de eretitel metal queen met waardigheid.

6. Rammstein – Du Hast

Ik kan niet zeggen dat ik een groot fan ben van Rammstein. Maar het is om een of andere reden onontkoombare muziek. Er spreekt een zekere urgentie uit, zeker uit hun vroege werk. En ze komen uit Duitsland. Dat maakt het ook ongemakkelijk en controversieel. Zeker de semi nazi-achtige wijze waarop ze zichzelf presenteren en waarvan het blijvend onduidelijk is of dit gespeeld dan wel echt is. Dat schuurt. En goede kunst stelt ook vragen. Heeft scherpe randen. En daarom heb ik Rammstein het voordeel van de twijfel gegeven en ze toch een plekje gegeven in deze top-10. En een song uitgekozen die naar mijn idee het best het ritme representeert waarmee je de bruinhemden door de straten ziet marcheren. Ze liggen niet vaak in mijn cd-speler. Maar ze horen hier wel thuis.

5. Helloween – Future World

Over naar vrolijker muziek. Ik heb van de Hamburgse band Helloween de LP’s Keeper of the Seven Keys Part I en  - Part II grijs gedraaid. Het nummer Future World is – samen met de titelsong – een van mijn favorieten. Ook weer veel klassieke invloeden (horen we daar Grieg tijdens het intro en de solo?) en visionaire vergezichten op de toekomst. Na het vertrek van gitarist Kai Hansen en zanger Michael Kiske was de band geen schim meer van zichzelf, maar deze twee monumenten (1986-1989) hebben ze toch maar mooi afgeleverd. Geweldige gitaarduels in het midden van het nummer.

4. U.D.O – Animal House

Nadat zanger Udo Dierkschneider Accept (zie verderop) had verlaten, vormde hij zijn eigen band. Geheel onbaatzuchtig en totaal niet narcistisch U.D.O. genaamd. Maar gelukkig was de muziek, zeker in de beginjaren, beslist te pruimen. Een prima vervolg op Accept, zij het niet zo baanbrekend meer. Animal House was het eerste album. Ik luister er op tape nog wel eens naar. Hier een opname van dit nummer vanaf het Wacken Open Air festival (ook in Duitsland!) uit 2012. Met inmiddels zijn zoon Sven op drums.

3. Scorpions – Coming Home

Als je Scorpions niet kent, heb je de afgelopen dertig, veertig jaar onder een steen geleefd. Bij het grote publiek zijn ze vooral bekend van power ballads als Still Loving You (1984) en Winds of Change (1990), over de grote veranderingen in de Sovjet Unie rond 1990 en over de hereniging van Oost- en West-Duitsland in 1989. Maar daarvoor waren ze al bijna 20 jaar actief en ook de 20 jaar daarna hebben ze nog vele cd’s uitgebracht. Vaak controversieel (de albumhoezen van Virgin Killer en Lovedrive), maar nog vaker baanbrekend en gewoon technisch superieur aan alles wat er verder in metalland verscheen. IJzeren gitaarwerk van Rudolf Schenker en Matthias Jabs, perfect zuivere zang van Klaus Meine (alleen dat Duitse accent!), rock solid composities.

Van alle bands die in deze top-10 staan heb ik Scorpions het vaakst live gezien. Ik schat zo’n vier, vijf keer in Nederland en Duitsland. Altijd goed, altijd vol vuur. Later ( >2000) ook voorspelbaar en (sorry) saai, maar dat is het dilemma van de band met veertig-plus dienstjaren achter de rug. Je vraagt de Rolling Stones ook niet om nummers van hun laatste album te spelen. De klassiekers. Die willen we horen! En voor Scorpions zijn dat er te veel om op te noemen. Rock you like a hurricane, Big City nights, The Zoo, en het nummer dat ik hier heb gekozen als signature song, Coming Home.

Het was het openingsnummer op de World Wide Live-toernee uit 1985, het jaar waarin ik ze voor het eerst live heb gezien. Geweldige ervaring, onblusbare energie spat uit de song.

2. Accept – Fast as a shark

Ik kan me herinneren dat ik de LP Restless and Wild ongezien kocht bij Johan van platenzaak Popeye in Hengelo. Dit op basis van de twee brandende Flying V-gitaren op de cover (‘zonde!’, vond ik toen al).  Meer metal kon je toch niet zijn.

Toen ik thuis de LP op de speler legde, dacht ik de eerste seconden serieus dat er een verkeerde plaat in de hoes was gestopt. Wat was dit? Een Heidi-song? Gejodel in de eerste seconden? Bagger! Rommel! Terug met die rotzooi. Maar nog geen tien seconden later stond ik perplex. Nog nooit, nooit had ik zulk intens en snel gitaarwerk gehoord en ik voel nog steeds het euforische gevoel tijdens de rest van het eerste nummer. De dubbele bassdrum bonkt nog steeds in mijn maag  (herinner je, het was 1983. Wat wisten we nu helemaal. Metallica was nog niet doorgebroken. Engelse bands speelden zware, logge rock met de nadruk op melodieen en vocalen).  Maar deze Duitse gasten braken door de geluidsbarriere met hun nieuwe genre dat al snel speed metal genoemd werd.

Er zullen – zoals bij alle grote ontdekkingen – ongetwijfeld tegelijkertijd en parallel andere bands en plekken zijn geweest die dezelfde ontwikkeling doormaakten, maar voor mij is Fast as a Shark van Accept de geboorte van speed metal. Ik droom de solo’s vanaf 2:25 minuten. En als ik nu, –tig jaar later, nog eens energie nodig heb of in een dipje zit, draai ik dit nummer.

1. Michael Schenker Group – Into the arena

Of het nu heavy-, speed-, power- of wat-voor-metal dan ook is, het draait om de gitaar. Het genre leeft bij de gratie van gitaarhelden. Goden op zes snaren die zijn afgedaald uit de hemel (of hel als je een death-metal aanhanger bent) om ons te laten meegenieten van hun kunsten. En een van de allergrootste op dit gebied is wat mij betreft Michael Schenker. Hij was mijn eerste kennismaking met de heavy, maar toch melodieuze muziek. .Ik was toen 13. Dat het een Duitser is, is in dat geval mooi meegenomen voor deze lijst, maar anders had hij ook op nummer 1 (of toch in ieder geval heel erg hoog) gestaan.

Michael Schenker, geboren als jongere broer van Rudolf die we al bij Scorpions tegenkwamen speelde stiekem op de gitaar van zijn broer als die weg was en de rest is – zoals dat zo mooi heet – geschiedenis. Gitaargod die de weelde niet kon dragen. The Mad Axeman.  Vaak geplaagd door drank-  en drugsproblemen is hij er tot nu toe steeds weer bovenop gekrabbeld.Tot op de dag van vandaag musiceert hij en loopt hij platenzaken af om zijn cd’s te signeren.

Michael Schenker had als tiener al supergoede jaren bij UFO - maar dat is een Britse band - in de jaren 1970 (Strangers in the night is een van de beste live albums ooit opgenomen) en brak daarna door met de groep die tegen wil en dank naar hemzelf was genoemd. Schenker is de anti-frontman. Het is zo’n muzikant die het liefst met zijn rug naar het publiek staat als hij speelt. En als het daarbij even kan ook nog achter een versterker. Natuurlijk heeft hij in de loop der jaren aan podiumpresentatie gewonnen, maar het is vooral een muzikant die liever de gitaar laat spreken dan dat hij zelf met zijn kop in de schijnwerpers gaat staan. Michael Schenker is daarmee het tegenovergestelde van het vaak aanstellerige podiumgedrag van veel van zijn collega’s. Ik zag Schenker een aantal keren live met zijn eigen band en een keer als invaller bij de Scorpions, met een prachtige instrumentale set in het midden van het programma.

Het kan dan ook niet anders of ik moest een instrumentaal nummer kiezen als signature song voor de Michael Schenker Group. Into the arena is dan de voor de hand liggende keuze. Maar kijk en luister zelf ook vooral naar alle andere MSG- en UFO-opnamen.

Peter Kassenaar
-- 14 oktober 2014

12september

Daddy Sang Bass – In memoriam Johnny Cash

Johnny Cash Vandaag is het 8 jaar geleden dat Johnny Cash (26 februari 1932 – 12 september 2003) overleed. Johnny Cash was een van de invloedrijkste muzikanten in het country genre, maar (op latere leeftijd) ook daarbuiten. Hij bleef tot op hoge leeftijd experimenteren met muziek en werkte onder andere samen met rockbands als Nine Inch Nails en diverse hiphop-acts.
Ik houd erg van Johnny Cash.
De live-albums At Folsom Prison en At San Quentin behoren wat mijn betreft tot hoogtepunten uit zijn oeuvre en staan hoog op mijn iTunes playlists. Ze bezorgden Johnny Cash het imago van een outlaw – hij was de eerste artiest die optrad in gevangenissen en daar platen van uitbracht. Er werd schande van gesproken en men fluisterde dat de songtekst van het liedje Folsom Prison Blues (‘I shot a man in Reno, just to watch him die’) op waarheid berustte (hetgeen overigens niet het geval was). Om de context aan te geven: we spreken over de jaren zestig van de vorige eeuw, het diepe (en diepgelovige) zuiden van Amerika. De rassenscheiding was nog maar net enkele jaren afgeschaft.
Het optreden in gevangenissen zou een soort handtekening worden voor Cash. Behalve de twee genoemde albums, heeft hij tientallen andere optredens in gevangenissen op zijn naam staan.

Daddy Sang Bass

Soms wordt een song groter dan degene die hem voor het eerst uitvoert. Dan kom je het liedje in allerlei variaties en uitgevoerd door artiesten van allerlei pluimage tegen.
Dat gevoel heb ik heel erg bij het nummer Daddy Sang Bass van Cash (oorspronkelijk overigens geschreven door Carl Perkins). Op YouTube vond ik drie clips die de ontwikkeling ervan mooi illustreren.

Origineel

Eerst het origineel, door Cash zelf uitgevoerd tijdens een van zijn gevangenisoptredens (Cummins Prison in Grady, Arkansas op 15 april 1969). Eerlijke country rock-n-roll met een gitaar, een drumstel en twee microfoons.
http://youtu.be/zJNw-oqpAVg

Commercialisering

Vervolgens zie je dat de commercie er mee aan de haal gaat en dat er allerlei aalgladde en buitengewoon Amerikaanse varianten (ik kan er even geen ander woord voor vinden) van opduiken. Dames en heren met onberispelijk geföhnd haar brengen de song in een keurig arrangement, ontdaan van alle scherpe randjes. Bijvoorbeeld deze, van de in de USA zeer populaire vocale gospelgroep Gaither:
 
http://youtu.be/a3eNbQ-Wbjk
 
En toch, en toch, kan ik ook deze versie wel pruimen. Omdat het in de basis een geweldig nummer is (de ‘Little brother’ in het liedje slaat bijvoorbeeld op het jongere broertje van Johnny Cash dat al als kind is overleden). En zingen kunnen ze natuurlijk wel, de jongens en meisjes van Gaither.

Tribute

Helaas komt Johny Cash ten gevolge van diabetes (en verdriet om zijn eerder dat jaar gestorven vrouw June Carter Cash) in 2003 al op 71-jarige leeftijd te te overlijden. Hij wordt geëerd met een Tribute-concert, waarin tal van artiesten bekende Cash-nummers ten gehore brengen.
Het concert wordt afgesloten door Jerry Lee Lewis (vanaf dat moment de laatst overgeblevene, Last Man Standing, van het zogenoemde Million Dollar Quartet na het eerdere overlijden van Elvis Presley, Carl Perkins en nu dus Johnny Cash). Lewis sluit af met het nummer Will The Circle Be Unbroken, het origineel waar Daddy Sang Bass op is gebaseerd. Kippenvel.
 
http://youtu.be/0JJ-h3yfXmI
Een indrukwekkende uitvoering. De cirkel is rond. Moge Johnny Cash rusten in vrede.
 
Peter Kassenaar
-- 12 september 2011

09september

Home of the Blues

Tags: | Categories: Muziek
E-mail | Permalink | Reacties (0) | Post RSSRSS comment feed

´Crooning´is een muziekstijl die natuurlijk vooral in verband wordt gebracht met wat oudere mannen, in pak en vlinderdas, zwoele avonden en koffiebruine stem. Frank Sinatra, Bing Crosby, Dean Martin. Dat soort types.

Enter Norah Jones.

norah jones

Als er toch gekozen moet worden in de categorie Female Crooning Singers is zij een van mijn favorieten (er hoeft niet gekozen te worden in die categorie natuurlijk, die verzin ik ter plekke). Altijd beheerst, altijd laid back. Fantastische beheersing van haar stem. En een genot om naar te kijken natuurlijk.

Kijk en luister bijvoorbeeld eens naar Home of the Blues, uitgevoerd op het Johnny Cash tribute concert.

Kippenvel.

-- Peter Kassenaar
9 september 2009

[disclaimer: dit bericht is geschreven in Windows Live Writer, als voorbeeld en testbericht bij het Handboek Windows 7, dat binnenkort verschijnt. Je vindt een screenshot op pagina 300 of daaromtrent :-)]