Ik geef training in frontend tools en stacks als HTML, JavaScript, TypeScript, React, Angular en Vue. Ik schrijf boeken en artikelen over tal van (ICT-) onderwerpen. Ik was lead developer en directeur bij Yindo - Jouw digitale bibliotheek. Je kunt mij volgen op Twitter(@PeterKassenaar).

In dit blog vind je persoonlijke artikelen, die niet noodzakelijk tech-gerelateerd zijn.

Views and expressions are my own.

Terug naar de algemene site.

08juni

Review–Claim

Tags: | Categories: boardgames
E-mail | Permalink | Reacties (0) | Post RSSRSS comment feed

In mijn serie board game reviews dit keer een blik op het kaartspel Claim.

Claim is een kaartspel dat in twee rondes wordt gespeeld. Het volledige deck van 52 kaarten is verdeeld in vijf facties: Goblins, Dwergen, Dubbelgangers, Zombies en Ridders die elk een speciale kracht hebben. Ze hebben daarnaast een waarde, variërend van 0 tot 9. Elke ronde speel je met 13 kaarten. De overgebleven 26 kaarten liggen in het midden en de bovenste kaart wordt omgedraaid. Hier speel je om.

claim-1

In feite is het simpel. In elke slag speel je een kaart en je tegenstander moet volgen. Als je de hoogste kaart heb, win je de slag – tenzij je alsnog verliest door een speciale kracht van de kaart van de tegenstander. De winnaar van de slag mag de kaart uit het midden (waar om gespeeld wordt) pakken. De verliezer pakt een blinde kaart van de stapel. De gespeelde slag wordt afgelegd en doet verder niet meer mee Zo speel je 13 slagen, waarna je beiden opnieuw een hand van 13 kaarten hebt verzameld.

Met deze 13 kaarten wordt de uiteindelijke uitslag beslist. Want slagen die je in de tweede ronde wint, komen op je scorestapel. Aan het einde wordt vergeleken wie de meeste vertegenwoordigers per factie heeft. Omdat er een oneven aantal facties is en de waarden op de kaarten verschillen, is er altijd een winnaar. Je kunt dus winnen met 5 facties tegen 0, 4-1 of 3-2.

Speciale krachten

Als dit het enige zou zijn, zou Claim een tamelijk suf spel zijn. Gelukkig is er een zekere tactiek mogelijk. Soms is de kaart in het midden waar om gespeeld wordt, namelijk helemaal geen sterke kaart. Dan kun je beter opzettelijk de slag verliezen en hopen dat de blinde kaart die je trekt een sterkere kaart is. Ook kun je van tevoren bepalen welke facties je wilt verzamelen voor de tweede ronde. Die slagen (als de gewenste factie in het midden ligt) kun je dan proberen te winnen, terwijl je andere slagen express laat lopen.

In de tweede ronde wil je soms graag aan slag komen om je sterke verzamelde facties uit te spelen, maar lukt dat niet omdat je de factie die je tegenstander vraagt, moet volgen. Dan loopt je zorgvuldig uitgestippelde tactiek in de soep. Of je tegenstander maakt slim gebruik van de sterke krachten van bepaalde facties. Een Dubbelganger neemt bijvoorbeeld altijd het uiterlijk van de gevraagde factie aan, en een ‘hogere’ Dubbelganger kan dus een ‘lagere’ Goblin of Ridder verslaan; bij dwergen geldt juist dat de verliezer van de slag de gespeelde dwergen wint. Zo heeft elke factie zijn eigen specialiteit. Het duurt een paar potjes voordat je hier de fijne kneepjes en krachten van kent. Gelukkig maar, anders zou Claim na twee of drie keer spelen in een diepe la belanden. Dat is nu niet het geval.

claim-2

De standaardeditie speel je met twee spelers. Wanneer je ook Claim 2 hebt kun je het eventueel ook met drie of vier spelers spelen. De aangepaste regels staan op het spelregelvel.

Een verrassend leuk kaartspel waarvan je snel drie of vier potjes wegspeelt.

Een speciale vermelding verdient wat mij betreft het artwork op de kaarten. Je moet een beetje van de stijl houden, maar het is heel consequent doorgevoerd en de facties zijn echt enorm creatief uitgebeeld. Elke factie is uiterst herkenbaar. En toch ziet een Goblin 0 en totaal anders uit dan een Goblin 9. Hetzelfde geldt voor de andere facties. Gaat dat zien.

Meer informatie

Peter Kassenaar
-- 8 juni 2020

03juni

Review–Rovers van de Noordzee

Tags: | Categories: boardgames
E-mail | Permalink | Reacties (0) | Post RSSRSS comment feed

In mijn serie board game reviews dit keer een blik op Rovers van de Noordzee.

Dit spel hebben wij een aantal keer in een spellencafé gespeeld. Omdat we ook daar de regels moesten leren/lezen, is het lastig om te zeggen hoe lang het duurt. Wij waren er in ieder geval wel een dikke 90 minuten mee bezig. Het opzetten van het spel is best uitgebreid. Je moet veel klaarzetten en voorbereiden voordat je van start kunt. Het spel is gesitueerd in de tijd van de Vikingen.

rovers-1

Er zijn kaarten, werkers, schatten, grondstoffen en zo nog wat kleine zaken. Het doel van Rovers van de Noordzee is om grondstoffen te verzamelen en er daarna met je recruten op uit te trekken. Vervolgens plunder je landerijen, kloosters en forten.

Worker placement – maar dan anders

Het begin van het spel speelt zich daarom af op de onderkant van het bord (grondstoffen verzamelen) en verplaatst zich langzamerhand naar boven, waar de ‘duurdere’ landerijen zich bevinden. Wij vonden het behoorlijk dynamisch.

Uiteraard moet je eerst voldoende werken en de juiste grondstoffen verzamelen voordat je deze dure objecten kunt veroveren. Voor elke verovering scoor je overwinningspunten. Maar je kunt ook punten verzamelen door betere wapenuitrusting te kopen (wat ook weer helpt als je doelwitten wilt plunderen) en zelfs als je bemanning voor een deel dood gaat tijdens de plundering scoor je daarvoor punten. Het is dus niet zo dat per definitie degene die de meeste doelwitten heeft geplunderd ook automatisch de winnaar is. Dit is een leuk element in het spel: je kunt op verschillende manieren punten bij elkaar sprokkelen.

Het is afwijkend van andere worker-placement spellen in die zin dat je altijd maar één werker tot je beschikking hebt, die ruil je voor een andere werker op het bord. Er zijn drie kleuren werkers (wit, grijs en zwart), die elk verschillende soorten doelwitten kunnen aanvallen. Tactiek is daarom ook een belangrijk kenmerk. Maar het kost even tijd om uit te vogelen wát nou de mogelijke tactieken zijn.

rovers-2

De attributen van het spel (kaarten, buit) zijn mooi uitgevoerd, maar ik had graag wat meer onderscheid gezien tussen de kleuren werkers. Wit, zwart en grijs zijn nou niet bepaald onderscheidend en tamelijk saai. Dat misstaat een beetje in een verder heel mooi uitgevoerd spel. Er zijn daarnaast verschillende soorten bemanning (met kaarten) die je kunt rekruteren, waarbij elk bemanningslid speciale krachten heeft. Maar ook dit is soms onduidelijk en verschillende bemanningsleden komen meerdere keren voor, of hebben dezelfde krachten. Daar moet je goed op letten.

Het is absoluut de moeite waard om te leren, maar ik denk dat pas na 2-3x spelen de volledige potentie van het spel wordt benut. Je moet dus wat tijd investeren om het goed te leren spelen. Als je speelt met meerdere personen kan het spel wat sneller zijn afgelopen, omdat het vereiste totaalaantal plunderingen is bereikt. De dynamiek wordt dan wat anders.

Meer informatie

Peter Kassenaar
-- 3 juni 2020

22mei

Review–Spring Meadow

Tags: | Categories: boardgames
E-mail | Permalink | Reacties (0) | Post RSSRSS comment feed

Als je een beetje van puzzelen houdt en je kent Tetris, dan vind je Spring Meadow waarschijnlijk erg leuk. Elke speler krijgt een bordje waarop hij door middel van het plaatsen van tetrisachtige vormen zoveel mogelijk rijen moet vrijspelen.

spring-meadow

Het verhaal er achter is dat je een wandeling door de bergen maakt, en langzaam de sneeuw ziet wegsmelten waarna de groene weiden tevoorschijn komen. Dat klinkt een beetje suf, maar is in de praktijk een leuk thema. In de weiden zitten grote marmottenholen, die je wel, of juist niet moet afdekken. Door verschillende holen te combineren mag je extra tegeltjes pakken om rijen vol te maken.

Vormen speelstukken

Er zijn tientallen speelstukken in allerlei vormen, die op een groot speelveld van 5x5 worden gelegd. Per spel komen dus lang niet alle vormen aan bod, waardoor elk spel weer anders is. Met een marker die langs de randen beweegt kun je elke beurt een stuk naar keuze uit een rij of kolom pakken. Deze plaats je vervolgens zo efficiënt mogelijk op je eigen scorebord. Het speelbord wordt daardoor steeds leger en je keuzes worden steeds beperkter. Natuurlijk zul je zien dat je tegenstander in zijn beurt juist het stuk pakt dat jij nodig hebt om een rij compleet te maken. Dan moet je iets anders verzinnen. Maar omdat je weet wanneer jij weer aan de beurt komt en in welke kolom de markering dan staat, kun je (enigszins) voorspellen uit welke stukken je dan nog kunt kiezen. Zo kun je je rijen volbouwen.

spring-meadow-2

Het spel speelt vlot weg, een ronde duurt maar 10-15 minuten. Wie het eerst twee ronden heeft gewonnen is de winnaar van het spel. Je speelt het met minimaal twee spelers, kinderen vanaf 9-10 jaar zouden dit ook moeten kunnen. Al met al een aanrader. Maar als je niet van passen en meten houdt, moet je Spring Meadow laten liggen.

https://youtu.be/2UU5YvslaYY

Meer informatie

    Peter Kassenaar
    -- 22 mei 2020

    17mei

    Review–Century: A new world

    Tags: | Categories: boardgames
    E-mail | Permalink | Reacties (0) | Post RSSRSS comment feed

    Century valt in de catetorie ‘worker placement games’. Elke speler krijgt aan het begin een aantal werkers (poppetjes). Die worden er in je beurt op uit gestuurd om grondstoffen te verzamelen: graan, vlees, tabak of bont. Met die grondstoffen kun je kaarten kopen die punten waard zijn. Wie aan het eind de meeste punten heeft gescoord wint.

    Century-A-New-World

    Punten scoren via kaarten

    Maar behalve via je kaarten kun je ook op andere manieren punten scoren. Door meer werkers te winnen (elke kaart heeft een bonus, zoals een extra werker, korting op bepaalde grondstoffen, of meer), door kaarten uit een bepaalde categorie te verzamelen of nog anders. Behalve simpelweg kaarten kopen is er dus ook een sterk strategisch element in het spel aanwezig. Als je werkers op zijn, moet je een beurt besteden aan het terughalen van al je werkers van het speelveld. Het spel eindigt zodra een van de spelers acht kaarten heeft gekocht.

    century-new-world-3

    Century – A new world is mooi uitgevoerd, met relatief eenvoudige regels. Je leert het spel in tien minuten. Maar in elk spel moet je een nieuwe strategie toepassen. De herspeelbaarheid is groot – al zul je dit niet de hele avond willen doen. Maar twee of drie spelletjes achter elkaar is erg leuk.

    Een spel duurt totaal ongeveer 35-40 minuten. Sommige grondstoffen kosten maar één werker (graan), andere grondstoffen kosten drie werkers (bont). Je moet je werkers dus strategisch inzetten en tegelijkertijd in de gaten houden welke grondstoffen je tegenstander(s) hebben verzameld en welke kaarten ze daarmee willen kopen.

    Dit spel is te combineren met andere spellen in de Century-reeks, maar dat hebben wij nog niet geprobeerd. Ook als stand-alone spel is het absoluut de moeite waard voor 2-4 spelers.

    https://youtu.be/rzoy0yLko-s

    Meer informatie

    - Century: A new world bij Boardgamegeek (BGG)

    Peter Kassenaar
    -- 17 mei 2020

    05mei

    Review–Star Realms

    Tags: | Categories: boardgames
    E-mail | Permalink | Reacties (0) | Post RSSRSS comment feed

    Laat je niet op het verkeerde been zetten door het kleine doosje waar Star Realms inzit. Het is een diepgaand spel met veel tactische keuzes die je moet maken. Je speelt het met 2 personen.

    star-realms-1

    Star Realms is een klassiek deckbuilding spel, met een science-fiction/ruimteschepen thema. Hier moet je wel een beetje van houden, anders zal Star Realms je niet zo aanspreken. Elke speler begint met 10 dezelfde kaarten. Je schudt je stapel en trekt er telkens 5 uit. Dat is je speelhand. Daarmee kun je kaarten uit een gezamenlijke pool in het midden van de tafel kopen. Deze leg je op je aflegstapel en worden de volgende keer door de rest van de kaarten geschud. Je deck wordt zo steeds groter.

    Het doel is om met aanvalskaarten de gezondheid ('authority') van je tegenstander naar 0 terug te brengen. Elke speler begint met 50 punten authority. In goede aanvalsslagen kun je 4 of 6 punten tegelijk wegspelen, later in het spel tot wel 20 of 30 punten in één beurt.

    Facties en ally abilities

    De kaarten in het midden van de tafel maken deel uit van een van de vier beschikbare facties ('Trade', 'Blob', 'Star empire' en 'Machine cult') die elk verschillende krachten hebben. De ene factie biedt veel aanvalskracht, andere facties bieden juist de mogelijkheid om authority terug te verdienen ('healing'). Als je in een speelhand kaarten van dezelfde factie hebt - bijvoorbeeld twee Blob-kaarten - worden de krachten versterkt. Dit heet een 'ally ability'. Je kunt dan zwaarder aanvallen, meer geld uitgeven aan nieuwe schepen, of minder waardevolle kaarten in je hand afleggen ('scrappen'), waardoor in volgende beurten de gemiddelde kracht van je hand sterker wordt. Daarnaast zijn er specifieke verdedigingskaarten die ronden lang op tafel blijven liggen - totdat de tegenstander ze vernietigd.

    star-realms-2

    Ik was verrast door de diepgang in Star Realms en de keuzes die je in het begin al moet maken ('welke facties ga ik verzamelen?', 'hoe maak ik zo veel mogelijk kans op een ally ability?', 'ga ik voor healing of voor extra damage bij de tegenstander?').

    Je leert het spel daardoor erg snel, maar je kunt het heel vaak spelen en verschillende tactieken uitproberen. Er is ook een online versie van Star Realms, maar het kaartspel tegenover een echte tegenstander is uiteraard veel leuker. Star Realms is volledig Engelstalig.

     

    https://youtu.be/nPoUQeNYelE

    Meer informatie

    Peter Kassenaar
    -- 5 mei 2020

    03mei

    Review–Tiny Towns

    Tags: | Categories: boardgames
    E-mail | Permalink | Reacties (0) | Post RSSRSS comment feed

    In Tiny Towns ben je de burgemeester van een kleine stad en moet je grondstoffen verzamelen om gebouwen te bouwen. Zo bouw je je stad op. Elk gebouw heeft uiteraard andere eisen.

    3D_Tiny

    Gebouwen zijn er in tal van categorieën, met per categorie vier of vijf verschillende mogelijkheden. Aan het begin van het spel trek je uit elke categorie één gebouw. Deze probeer je gedurende het spel te bouwen. Gebouwen hebben allemaal ook andere manieren om punten te scoren. Elk spel is zo weer anders. De herspeelbaarheid is daardoor behoorlijk groot. Een enkel spel met 2-3 spelers duurt ongeveer 20 tot 30 minuten.

    Daarnaast kun je spelen met speciale gebouwen ('monumenten'). Deze zijn duurder om te bouwen, maar als het goed is leveren ze ook meer punten op aan het eind.

    Gebouwen en grondstoffen

    Om een gebouw te kunnen bouwen, heb je grondstoffen nodig. Deze liggen in het midden op tafel. Elke speler noemt om de beurt een van de vijf grondstoffen (glas, tarwe, steen, baksteen of hout). Die plaatst iedereen vervolgens op zijn of haar 4x4 speelbordje. Het nadeel is natuurlijk dat jij altijd andere grondstoffen nodig hebt dan je buurman, terwijl de beschikbare ruimte op je bord (je stad) maar beperkt is. Zo kun je elkaar behoorlijk dwars zitten. Als je alle grondstoffen - meestal 2 tot 5 - op de juiste wijze hebt verzameld, mag je ze van het bord halen en vervangen door het daadwerkelijke gebouw. Zo komen er weer plekken vrij voor nieuwe gebouwen. Alle gebouwen zijn als houten miniatuurtjes meegeleverd.

    Tiny-Towns-Fortune-Overview

    Je moet hierbij behoorlijk tactisch te werk gaan, anders kun je al vrij snel geen grondstoffen meer kwijt om een nuttig gebouw te maken. Als je geen grondstof meer kunt plaatsen omdat je bordje vol is, moet je wachten totdat niemand dat meer kan. Daarna worden de punten geteld per categorie gebouwen. De score wordt per categoriekaart aangegeven. Na enkele keren spelen haalden wij per persoon bijna altijd wel een score van 30-35 punten.

    Je kunt Tiny Towns ook in je eentje spelen en proberen je persoonlijk record te breken. Hiervoor zijn in de spelregels speciale solo-regels aanwezig.

    Interactie

    Je speelt Tiny Towns in principe voor jezelf, maar je kijkt toch ook regelmatig naar de bordjes van andere spelers om te zien wat zij niet nodig hebben en jij zelf wel. Zo is er toch enige interactie -meestal niet van de vriendelijke soort - tussen de spelers. Maar uiteindelijk probeer je zelf zo efficiënt mogelijk je eigen stadje te bouwen.

    De kaarten van Tiny Towns zijn mooi uitgevoerd en in het Nederlands. In de spelregels wordt duidelijk uitgelegd wat de mogelijkheden zijn. De houten gebouwen zijn niet al te gedetailleerd, maar voldoen voor het doel. Ze hebben duidelijke kleuren, waardoor hun categorie duidelijk is.

    Tiny Towns is een vermakelijk spel dat wel enige tijd vergt om op te zetten, maar daarna snel wegspeelt. Leuk om te doen.

     

    https://www.youtube.com/watch?v=Ko6waVAt1CU

    Meer informatie

    Peter Kassenaar
    --3 mei 2020

    30april

    Review–Dominion

    Ik hou van bordspellen. Maar binnen de categorie bordspellen houd ik het meest van deck building spellen. En dat is de schuld van Dominion.

    Dominion_Basis_NIEUW_1

    Dominion was mijn eerste kennismaking met deck building games. Bij dit soort spellen gaat het er om een zo sterk mogelijke hand van kaarten op te bouwen en op deze manier punten te scoren. Maar dat terwijl iedereen met 10 dezelfde kaarten begint. De startkaarten zijn een aantal punten waard, waarmee je nieuwe, sterkere kaarten kunt kopen. Iedereen maakt hierin uiteraard andere keuzes, waardoor je ondanks hetzelfde uitgangspunt, al heel snel totaal verschillende handen en tactieken krijgt.

    Actiekaarten en gebiedskaarten

    Bij Dominion maak je (anders dan bij veel andere deck building spellen) een keuze uit tien soorten actiekaarten die in het midden komen te liggen en die voor iedereen beschikbaar zijn. Dit vermindert in mijn optiek de geluksfactor – omdat iedereen dezelfde mogelijkheden heeft – en biedt meer kans op verschillende tactieken.

    Want de sterkere acties die je kunt kopen (aanvalskaarten, verdedigingskaarten, kaarten die je extra acties geven, of kaarten die je juist extra kaarten laten trekken) hebben aan het eind van het spel geen totaal geen waarde! Dan gaat het om de hoeveelheid gebiedskaarten met 1, 3 of 6 punten die je in je in de loop van het spel hebt aangeschaft. Terwijl deze gebiedskaarten tijdens het spelen juist weer geen enkele waarde hebben. Want alleen aan het eind worden de punten geteld.

    Dit zorgt mijns inziens voor ongekende tactische mogelijkheden: ga je zo snel mogelijk voor zoveel mogelijk geld om alle gebiedskaarten te kopen, of ga je voor een meer gespreide benadering waarbij je misschien wat minder geld hebt, maar meer je tegenstanders dwars kunt zitten waardoor zij niet zo snel kaarten kunnen kopen (en jij wel)?

    Dominon-speelmateriaal_1

    Globaal genomen zijn de regels simpel.

    • Je neemt vijf kaarten uit je totale stapel op hand.
    • Hieruit mag je één actie spelen en één nieuwe kaart kopen.
    • Dat zijn in feite alle regels. Niet meer, niet minder.

    Echter, op veel kaarten is aangegeven dat je een extra actie mag spelen. Het is dan natuurlijk zaak de volgorde van spelen zo optimaal mogelijk te kiezen, zodat je zoveel mogelijk kaarten uit je hand gebruikt. Met de geldkaarten die je overhoud mag je één nieuwe kaart kopen. En dan moet je besluiten of dat een nieuwe actiekaart wordt, een gebiedskaart die aan het eind van het spel punten oplevert, of een geldkaart, waardoor je in een volgende beurt meer geld kunt uitgeven. Dominion is bij uitstek een tactisch spel.

    In de startset van Dominion (de Nederlandse, vertaalde versie is merkwaardig genoeg goedkoper dan de originele Engelstalige versie) zijn in totaal 500 kaarten aanwezig die je gebruikt om je deck op te bouwen. De kaarten worden nooit allemaal gebruikt in een spel. Er zijn 25 verschillende soorten actiekaarten, waarvan je er in een spel dus maar 10 gebruikt. Zo kun je – ook met de basisset – al enorm veel variaties samenstellen. Meer dan genoeg om het eerste halfjaar door te komen, wat mij betreft.

    Het kost een aantal speelronden om de kracht van actiekaarten op waarde te schatten en de kaarten te gaan waarderen. Ervaren spelers hebben daarin ontegenzeggelijk een voordeel op degenen die het voor het eerst spelen.

    Er zijn tal van Dominion-uitbreidingen beschikbaar met extra actiekaarten. Je moet altijd het basisspel hebben als je een uitbreiding koopt. Wat mij betreft zijn die vaak echter ‘meer van hetzelfde’ en zijn ze beslist niet nodig om van de basisset te kunnen genieten.

    Als je wilt ontdekken hoe leuk deck building games kunnen zijn, begin dan met Dominion.

    Meer informatie

    Peter Kassenaar
    -- 30 april 2020

      27april

      Review–The Game

      Tags: | Categories: boardgames
      E-mail | Permalink | Reacties (0) | Post RSSRSS comment feed

      Dit is waarschijnlijk het eenvoudigste spel dat je kunt bedenken - maar ja, kom er maar eens op.

      Er is een stapel kaarten, genummerd van 0-100 die volledig door elkaar is geschud is. Hieruit moet je uit een hand van zes tot acht kaarten (afhankelijk van het aantal deelnemers) vier stapels maken door af te leggen. Twee zijn oplopend van 1 naar 99, twee zijn aflopend van 99 naar 1. Je legt een kaart af en de volgende kaart moet lager zijn (of hoger, afhankelijk van de stapel) dan de vorige kaart.

      Voor elke kaart die je hebt afgelegd (minimaal 2 per beurt) moet je een nieuwe van de stapel pakken, zodat je daarna weer 8 kaarten in je hand hebt.

      Je wint of verliest als groep, als je er in slaagt om alle kaarten weg te spelen. The Game is daarmee een coöperatief spel.

      the-game

      Zoals gezegd, het klinkt bedrieglijk eenvoudig maar in de praktijk is het lastig. Want wat als je net kaart 90 hebt weggelegd, en vervolgens trek je als nieuwe kaart nummer 91 van de stapel? Die kun je dan niet meer kwijt… Of je moet wachten totdat de andere stapel dusdanig aangegroeid is dat je 91 daarop kwijt kunt.

      Zo maak je continu afwegingen en probeer je de stappen tussen de kaarten die je weglegt zo klein mogelijk te houden.

      In de praktijk komt het spel lang niet altijd uit en mag je al blij zijn als je minder dan 10 kaarten overhoudt. Dat maakt het toch elke keer weer uitdagend.

      Aan de andere kant - als je niet houdt van kaartspelletjes als Patience, dan is The Game waarschijnlijk ook niks voor jou. En waarom dat doodshoofden-thema op de kaarten? Ziet er een beetje merkwaardig uit voor iets dat in de kern een tactisch kaartentelspelletje is.

      The game is een leuk kaartspel voor tussendoor, dat je desgewenst ook solo kunt spelen.

      https://youtu.be/Bm02MPyDgDY

      Meer informatie

      The Game bij BoardGameGeek

      Peter Kassenaar
      -- 27 april 2020